"Kom jongens."
Katrien veert op onder de tafel vandaan en Sam werpt een blik vanuit de huiskamer onze kant op. Bezig met het aantrekken van mijn laarzen hoor ik Sammy rekkend en strekkend de bank verlaten en naar de keuken komen. Jas maar weer mee en met het openen van de keukendeur de honden dwingen om een paar passen naar achteren te doen. Na al die jaren snappen ze nog steeds niet dat het geen zin heeft om met de neus tegen de deur te staan als deze naar binnen opengaat.
De trap van het bordes naar beneden en rechtsom langs de auto richting het meer. De honden zijn al even buiten geweest dus vandaag geen overlopende blazen maar een gedwee gevolg in mijn kielzog. Sammy kijkt omhoog, ruikt, toont trots zijn schoonheid. Katrien slungelt daar achteraan meer een toevallig samenraapsel dat wonderlijker wijze vooruit beweegt. Kop naar de grond, niet plomp maar volstrekt verstoken van enige sierlijkheid.
Na een korte stop bij het bruggetje gaat het verder. Het meer is nog steeds boven peil. De watermassa heeft moeite om de spijlen te passeren. Toch word de doorgang nauwelijks extra belemmert door bladeren en ander drijvend spul.
Ondanks de zon belooft het geen droge dag te worden. Dreigend lucht, donkergrijze wolken, het verkeerde licht. Ongewild stap ik sneller door dan normaal. Vandaag geen kontjesdag. De honden lopen achter me aan. Een paar eenden vliegen op. Dit jaar nog geen jonkies gezien. Ik schakel terug. Het is geen wedstrijd. Bij de inlaat van de rivier naar het meer ligt een berg zand aan de kant van het meer en het water stroomt behoorlijk door. Morgen leeg scheppen en kijken/voelen of de buis redelijk schoon is gespoeld.
Vandaag gaat het aan het eind van het meer bergop het bos in. Het opvangbekken voor het water van de fontein controleren. Sammy is blij, schiet ineens naar voren en verdwijnt snel omhoog. Dit is zijn favoriete route terwijl Katrien liever onder langs het meer loopt. Het pad omhoog lijkt wel een drooggevallen bergbeek. Het water heeft hier zaterdag door een dik bladerdek zijn weg naar beneden schoongeveegd. In het bos liggen links en rechts nieuw omgevallen bomen. Enkel dood spul waarvan het wachten was waarneer het omvalt.
In het bos verlaten we de platgetreden paden en duiken het ravijn in waar ooit de wateropvang is gerealiseerd voor de toenmalige wasplaats net voorbij het huis. Toch gauw hemelsbreed een kilometer verderop. Het bekken zit niet bomvol zand maar er is meer zand naar beneden gekomen dan me lief is. Binnenkort waarschijnlijk even schoonspoelen anders na het volgende noodweer. Het zijn maar bladeren die de antieke voeding van de fontein verstoppen. Net op het moment dat we bij de keuken terugkomen blubbert en bubbelt modder, lucht en water uit de fontein. Even later stroomt het water weer maar niet met het gewenste enthousiasme. Iets klopt nog niet.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten