Vroeger op dan normaal maar de honden doen alsof het bij elven is. "Ho ho, zitten!" Er zijn van die dagen dan wordt me de koffie niet gegund. Maar dan hebben ze toch pech. Eerst de baas en dan de rest. Voor de zekerheid de buitendeur opgegooid maar zonder mijn begeleiding bestaat niet de behoefte naar buiten te gaan. Voor het moment gaan ze weer liggen en kan ik mijn aandacht verdelen tussen de koffie en het scherm voor mijn neus.
Een gerichte uitnodiging is een half uur later niet noodzakelijk. Mijn billen zijn nauwelijks los van de stoel en duo ongeduld staat staartzwiepend voor mijn neus. "Allez, opdonders!" Het lijkt er bijna op alsof ze me het naar buitengaan willen beletten in hun enthousiasme. Vermoeiend maar ook weldadig die energie op de vroege ochtend.
Het is fris en nog een beetje mistig. Dat doet goed aan mijn duffe kop. Vannacht langer dan me lief was van de (bijna?) volle maan mogen genieten. Het was een heldere nacht, met van dat blauwe licht en lange schaduwen. De honden dollen met elkaar richting het bruggetje. Het lijken wel kalveren die voor het eerst in de wei komen.
De lucht is strak blauw en doortrokken met condensstrepen van strak en nieuw, net achter het vliegtuig vandaan tot slordige, breeduit gewaaierde versies van lang voorbije vliegbewegingen. Het meer dampt nog na van de nacht en de eenden zwemmen in twee grote groepen op elkaar af als vloten aan de vooravond van een zeeslacht. Ik schrik me voor de afwisseling weereens een hoedje als langs de dijk van onder een in het water hangende wilg een stel eenden kwakend en fladderend het open water op schieten.
Wakker schrikken was beter geweest. Dat gaat vandaag geen snelle dag worden. Voel een siësta opkomen, waar ik net vandaag absoluut geen tijd voor heb, zeker niet in dit tempo. Ik slenter rustig richting einde van de dijk. Sammy heeft iets gretigs vandaag. Hij gaat steeds weer meters voor mij en Katrien uit ipv aan mijn zij mee te tsjokken. Komt wel op de vaste plekken zijn beloning scoren maar is daarna weer weg. Verbaasd me dan ook niks, dat hij net voor het strandje het bos in is verdwenen. Katrien staat verlangend of afkeurend helling op het bos in te staren en is niet meegegaan. Zit de ervaring van vorige week nog te vers in het geheugen? Of snapt ze niet waar Sammy achteraan is?
Ik roep Sammy een paar keer en nodig Katrien uit mee te lopen. Katrien vertoont de voorspelbare Oost-Indische doofheid. Ik loop door. Op het strandje schiet Katrien langs me heen het water in en kijkt eens vragend om in mijn richting. Ik gooi de brokjes in het water en vervloek Sammy hard genoeg, zodat hij het zeker hoort. Ff later verschijnt een hijgend heilige onschuld en wil zonder presentmelding het water in. Daar steek ik maar ff een stokje voor. "Hier en zitten!" Hij gehoorzaamt, ontvangt zijn deel en ik kan door naar de volgende koffie-portie in het proces van wakker worden.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten