woensdag 19 december 2012

200 (19/12)

 Een "Kom op" vanuit de verste uithoek van mijn kleine teen. Het is alweer dagen vies nat herfstig winterweer. Het is een maand die voor mijn gevoel koud zou moeten zijn, maar wederom enkel zijn natte kant laat zien. Het is miezerig, net te nat om mistig te zijn. Bah, een paraplu mee. Daar heb ik net iets minder een hekel aan dan aan zeiknat worden.

 Sammy en mn Katrien kijkt me enigszins ongelovig aan, wil nog wel naar buiten maar blijft dan boven op het bordes staan, als Sammy en ik de trapjes zijn afgedaald. Laat de dame maar, wij lopen rustig verder. Het is dat Sammy meeloopt, anders was ik al omgekeerd. Waarschijnlijk gokte Katrien daarop, want als wij het Bbq-hok ronden is Katrien nog steeds niet erbij. Ik benijd de honden niet en houd de paraplu wat schuiner tegen de wind. Ja, het waait d'r ook nog bij.

 Bij het bruggetje nog steeds geen Katrien en maar een brul gegeven. Het duurde nog even maar mevrouw vermande zich uiteindelijk toch en kwam de heuvel af gedribbeld. Alles behalve van harte. Brokjes verdeeld en verder de dijk op. Dit wordt een flitsend rondje qua tijd en de honden spelen haas.

 Overal hangen dikke druppels. Aan takken, sprieten, aan het mos op de stammen van bomen, aan de bladeren, die de winter hebben weerstaan of dood zijn maar nog niet afgevallen, zoals vreemd genoeg bij sommige eiken. De miezer zie ik, maar het zijn de druppels, die overal vanaf vallen, die ik hoor op de paraplu. Ik hoor eenden maar zie ze niet op het water. Toch zullen ze er zijn. De miezer verzwemt het meer en alles erom heen tot een onduidelijk waas, alleen het gekwaak gaat niet verloren.

 De slakken houden winter. Dat scheelt. Ik hoef niet uit te kijken waar ik mijn voeten neerzet en kan net nog een tandje hoger bij het ronden van het meer. De rivier is gezwollen in de afgelopen dagen en staat enige dm's hoger in de bedding. Het water is troebel en de kleine stroomversnellingen zijn verdwenen.

 Op de terugweg langs de boskant is het uitkijken met de paraplu. De doorgang is niet overal op een dergelijke breedte berekend. Met in- en uitklappen, wegdraaien en soms domweg doorduwen komen we op het strandje. Ik geef Sammy zijn brokjes, gooi ze voor Katrien in het water en loop zonder halt te maken verder. Die koffie maakt me vandaag niks uit, maar weg uit de regen is me wel een eindsprintje waard.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten